Humanisme Erika Baardwijk
November 2006
Humanistische denkbeelden bij Kant
- Kant vindt dat de mens zijn eigen verstand moet bedienen, onmondigheid heeft de mens volgens hem aan zichzelf te wijten; aan luiheid en lafheid. (alinea 1).
- Het openlijke ge br uik van zijn rede moet te allen tijde vrij zijn. (alinea 6, 11).
- Kant vindt het een misdaad tegen de natuur om mensen te verplichten tot en bepaalde onveranderlijke geloofsbelijdenis. (alinea 12).
- Kant vindt dat een monarch zijn onderdanen moet vrijlaten in wat zij nodig vinden te doen omwille van hun zieleheil. (alinea 14, 16).
- Volgens Kant ont br eekt er nog veel in dat mensen in staat zouden zijn of zelfs maar in staat gesteld zouden kunnen worden, in religieuze aangelegenheden zich zeker en goed van hun eigen verstand te bedienen zonder de leiding van een ander. (alinea 15).
- Kant vindt de religieuze onmondigheid zowel de schadelijkste als ook de meest onterende van alles. (alinea 17).
- Het is de natuur om vrij te denken. Een regering dient de mens, die meer is dan een machine, in overeenstemming met zijn waardigheid te behandelen.
Een gematigd humanist
Mijns inziens is Kant een gematigd humanist. Kant roept op het eigen verstand te ge br uiken en het juk van onmondigheid af te werpen. Hij heeft echter geen erg radicale ideeën, hij blijft steeds zeer genuanceerd, voorop staat het respect voor de medemens, we moeten de ander de ruimte geven zijn doelen na te streven en hij vindt dat ook religieus leiders en regeringen deze houding zouden moeten aannemen. Kant vindt daarbij wel dat eenieder zijn plichten na moet komen als burger, maar deze moet daarnaast dan wel de vrijheid hebben om voor zijn eigen mening uit te komen. Ook in bepaalde functies, zoals dat van geestelijke, moet dit het geval zijn. Een geestelijke zal zijn gemeente moeten leren in overeenstemming met de geloofsbelijdenis van de kerk die hij dient, maar in het openbare ge br uik van zijn rede moet hij wel een onbeperkte vrijheid hebben zich van zijn eigen rede te bedienen.
Nauwelijks genoemd in handboek
Al was Kant een zeer belangrijk filosoof van de Verlichting en had hij zeker humanistische denkbeelden, denk ik toch dat hij een minder uitgesproken voorbeeld was van de humanistische denkbeelden van die tijd. De denkbeelden komen beter naar voren bij denkers met radicalere ideeën.
Bijvoorbeeld werd de empirie heel belangrijk, terwijl Kant vond dat zowel empirische als zuiver op de reden berustende kennis waar kon zijn.
Ook was hij niet stellig in een morele veroordeling van de kerk, voor Kant was het belangrijkste dat ieder mens daarin moet worden vrijgelat en.