Jihad
De algemene betekenis van het begrip Jihad is “streven naar een betere manier van leven”. In Islamitisch religieuze context, wordt het begrip jihad gebruikt om uitdrukking te geven aan elke inspanning die men doet om God te behagen en om God's zaak vooruit te helpen.
Dat dit begrip momenteel, met name o.i.v. de media, in het westen wordt geassocieerd met “heilige oorlog” is een verkeerde interpretatie en doet afbreuk aan de werkelijke ideologie van de islam, tevens voedt deze interpretatie een afwijzende houding tegenover de islam.
Als wij naar de werkelijke betekenis kijken van het begrip jihad dan kunnen ook niet-moslims jihad beoefenen, bijvoorbeeld ouders die zich inspannen (jihad beoefenen) om hun kinderen terug te halen naar hun eigen godsdienst nadat de kinderen zich bekeerd hebben tot de Islam.
Soorten jihad:
De strijd tegen het eigen ik wordt beschouwd als de hoogste vorm van jihad.
Geweld is de allerlaatste optie. Enkel wanneer moslims aangevallen worden, en wanneer alle andere mogelijkheden om de aanval af te slaan zoals het opstarten van vredesonderhandelingen op niets uitdraaien, mag men zich gewapenderwijze verzetten, en dan nog gelden zeer strikte regels.
"Aan hen die bestreden worden is [de strijd] toegestaan omdat hun onrecht is aangedaan; God heeft de macht hen te helpen, die zonder recht uit hun woningen verdreven zijn, alleen maar omdat zij zeggen: "Onze Heer is God" - en als God de mensen elkaar niet had laten weerhouden dan waren kluizenaarsverblijven, kerken, synagogen en moskeeën waarin Gods naam vaak genoemd wordt zeker verwoest. Maar God zal hen die Hem helpen zeker helpen; God is krachtig en machtig." (Koran 22:39-40)
Internet
De radicalisering van moslima's begint vaak op internet. Bekeerlingen, vooral degenen van Nederlandse afkomst staan vaak alleen. Op internet vinden zij gelijkgezinden of denken die te vinden. Op www.moslima.nl staan vele getuigenissen van voornamelijk Nederlandse, van oorsprong christelijke meisjes. Kenmerkend aan vrijwel alle getuigenissen is dat het om jonge meisjes gaat (in de leeftijd van 15 jaar tot 19 jaar) die ontevreden zijn met hun leven en eenzaam zijn, zij ontmoeten een islamitische jongen en zien bij hem thuis een hechte familie, gezelligheid en het geloof dat hen een doel geeft. Opvallend is dat als de relatie beëindigd wordt, deze meisjes hun zoektocht binnen de islam toch doorzetten. Dit gebeurt voornamelijk op internet. Hier komen zij in aanraking met vele, extremere, vormen van de islam.
Sociaal –economisch
Economische achterstand werkt integratiebelemmerend. Het zorgt voor talloze hindernissen die grote groepen in de Nederlandse samenleving verhinderen volledig in de Nederlandse maatschappij te participeren. De eenzijdige zwakke sociaal-economische positie van grote groepen etnische minderheden leidt in toenemende mate tot ruimtelijke segregatie en dientengevolge tot sociale segregatie.
Prof. Dr. J.J. Latten schetst in zijn oratie, die hij uitsprak bij de aanvaarding van zijn bijzonder hoogleraarschap demografie aan de Universiteit van Amsterdam, een zorgwekkend beeld van de toenemende tegenstellingen in Nederland. Verschillende klassen wonen in verschillende wijken die steeds duidelijker van elkaar gescheiden zijn. Ze zitten niet meer bij elkaar op school, kinderen van verschillende groepen spelen niet meer met elkaar op straat, aldus Latten.
In Amsterdam bijvoorbeeld is de kans dat een Marokkaan een autochtoon in zijn eigen straat ontmoet, afgenomen van 61 procent in 1995 naar 45 procent in 2004, zo blijkt uit berekeningen van het CBS. Tevens blijkt uit onderzoek van het CBS uit 2005 dat 80 procent van de jonge Nederlanders van Turkse en Marokkaanse achtergrond binnen de eigen religieuze groep wil trouwen.
Sociaal-economische achterstand wordt algemeen gezien als een van de oorzaken van radicalisering. Veel jongeren vinden geen aansluiting in de maatschappij en verliezen hun eigenwaarde, zij willen onafhankelijk zijn, gaan zich verzetten tegen westerse invloeden en grijpen terug naar oude waarden en normen, welke zij zoeken binnen organisaties en moskeeën. Deze waarden en normen conflicteren met de waarden en normen in Nederland. Tegelijkertijd werkt berichtgeving in de media tegenwoordig xenofobie (een ongegronde en onberedeneerde angst voor vreemdelingen) en onderling wantrouwen in de hand.
Dit alles kan leiden tot de radicale islam; het politiek-religieus streven om, desnoods met uiterste middelen, een samenleving tot stand te brengen die een zo zuiver mogelijke afspiegeling is van hetgeen men meent dat gesteld wordt in de oorspronkelijke bronnen van de islam.
Moslimgemeenschappen kunnen onvoldoende tegenwicht bieden aan radicaliserende krachten binnen hun gemeenschap, daar dit zich vaak aan de rand van de gemeenschappen afspeelt, buiten de moskee en het gezichtsveld van de gemeenschap. In het uiterste geval leidt dit tot terrorisme, een ontwikkeling die begint met radicaliseringsprocessen.
Methodisch aandachtspunt
Niet-moslims associëren fundamentalisme op religieus gebied vaak met de neiging tot geweld en terrorisme en dan voornamelijk binnen de islam.
Religieus fundamentalisme is echter geen fenomeen is dat typisch is voor en eigen is aan de islam.
Fundamentalisme betekent oorspronkelijk het vasthouden aan de grondbeginselen (fundamenten) van het christendom. Het begrip komt van een 19 e eeuwse stroming die wortels schoot in verschillende kerkgenootschappen in de Verenigde Staten.
Het is vooral teksten letterlijk nemen en de waarheid die dit oplevert niet in discussie willen brengen. Van fundamentalisten mag het woord van God niet worden uitgelegd.
Ook nu nog zien wij fundamentalisme terug bij andere geloven dan de islam:
Omdat fundamentalisten compromisloos zijn voor de waarden en normen die voor hen essentieel zijn, kan fundamentalisme overgaan tot radicalisering.
Hier zien wij een discrepantie ontstaan tussen de opvattingen van de islam van de ouders in het krantenartikel en die van de geradicaliseerde moslima's. In de groepen waarbij zij zich aansluiten zie we een extremistische visie op de islam. Het fundamentalisme beperkt zich niet alleen tot het “woord van God”, maar ook tot geschriften van geleerden. Geleerden die een geheel eigen interpretatie en visie gegeven hebben aan “het woord van God”. Zo ontstaat een (nieuwe) versie van de islam die ver van de Koran afstaat. Een versie die geweld verheerlijkt en zichzelf als een ongenaakbare elite beschouwd. Veel zaken worden uit zijn verband gehaald, de oorspronkelijke betekenis genegeerd, zoals dit het geval is met de begrippen “jihad”, “martelaarsdood”, “het toestaan van stelen van ongelovigen”, en het feit dat meisjes die eruit willen stappen met de dood bedreigd worden.
Ik vraag mij af of wij over het verschijnsel zoals besproken in dit krantenartikel nog wel kunnen spreken als zijnde “islam”, hebben wij hier niet veel meer te maken met een groep criminelen die een geloof aanwendt om hun praktijken te legitimeren.
Bronnen:
Essay: Fundamentalisme, door Patrick Chatelion Counet, Trouw 3 februari 2003.
Essay: Zijn we gek geworden? Door Ulla Berkewicz.
Rapport AIVD: Van Dawa tot Jihad.
Sites:
http://users.telenet.be/myprojects/peace/jihad.html
http://www.moslima.nl/nwmoslimas/moslimas.html