Tentamen Jodendom Bachelor: Inleidingcursus Jodendom Radboud Universiteit.

Erika Baardwijk

Studentnummer 0545457

Vraag 1

Model van Prof. I. Abram .

I Joodse religie:

Jodendom is een godsdienst gebaseerd op goddelijke openbaring. Zij die onder de omschrijving vallen zijn joden. Leven naar de door G'd gegeven Tenach.

II Cultuur en traditie:

Israël: staat/land, zionsverlangen, zionisme. Jodendom kan zijn: een zich onverbrekelijk verbonden voelen met de staat Israël. Saamhorigheid en lotsverbondenheid.

III Sjoa, antisemitisme, overleving :

De Joodse identiteit is tegenwoordig sterk verbonden met de Sjoa, de grote vernietiging door Nazi-Duitsland. Ook in de 3 e en zelfs 4 e generatie vind je mensen die de Tweede wereldoorlog hebben meegemaakt.

IV Persoonlijke levensgeschiedenis:

Er zijn veel verschillende kleuren in de Joodse identiteit. Handelingen/daden zijn essentieel. Er zijn ook mensen die nergens meer aan doen.

V Cultuur en beleving omgeving:

Uitwisseling cultuur. Bijvoorbeeld veel Nederlandse woorden zijn hebreeuws: die zijn via het Jiddisch in de taal gekomen.

Het model van Prof. I. Abram geeft de individuele Joodse identiteit aan. De 5 segmenten verschillen in grootte.

Ik vind het op zich een bruikbaar model omdat het een indicatie geeft over de waarde die een persoon aan een bepaald element hecht. Tevens is het bruikbaar omdat het voor elke religie bruikbaar is. Wel ben ik van mening dat een model nooit echt een identiteit uit kan drukken, daarvoor is de mens te complex. Het blijft een momentopname. Het gevaar bestaat dat er te veel waarde aan het model wordt gehecht terwijl het mijns inziens slechts als een voorzichtige indicatie gebruikt kan worden.

Vraag 2

Overzicht van de gevolgen van de verwoesting van de joodse tempel in het jaar 70:

a. Historische gevolgen:

Er komt een einde aan de laatste vorm van joodse autonomie in Palestina en het grootste gedeelte van de joodse bevolking raakt verspreid over vele delen van het toenmalige Romeinse rijk. Het joodse volk werd de eerstvolgende 1900 jaar een volk zonder land. De verwoestingen van de eerste en tweede tempel leidden tot diepe identiteitscrises die het volk moeilijk te boven kwam. Jaarlijks wordt er nog een vastendag gehouden ter herinnering aan de verwoesting van de eerste en tweede tempel; Tisja-be-Aw (op de 9 e Aw).

b. Godsdienstige gevolgen:

De joodse gemeenschap in Baylonie vestigden gezaghebbende academies voor joodse studies. Uit de discussies die er in de leerscholen gevoerd werden is de Talmoed Bavli voortgekomen. Het gezag van de geleerden in Babylonie bleef nog enige eeuwen bepalend voor het Jodendom in de gehele diaspora. De geleerde Jochanan ben Zakkai voorzag een slechte afloop van de opstand. Hij liet het gerucht verspreiden door zijn leerlingen dat hij dood was en hij werd in zijn kist de stad uitgedragen. Buiten de muren vroeg hij Vespasianus, bevelhebber van de Romeinen, of hij ver van het krijgsgewoel met zijn leerlingen de Tora mocht bestuderen. Het resultaat was de academie van Jochanan ben Zakkai te Javne, het nieuwe centrum van de studie van de Tora. Er werd daar een vorm van Jodendom ontwikkeld die het zonder de tempel kon stellen en er werden andere accenten gelegd. Na de verwoesting van de tempel voegden zich andere geleerden bij hem en werd de zetel van het Sanhedrin daarheen verplaatst. Een aantal belangrijke beslissingen met betrekking tot de canon van de Bijbel, de inhoud van de vaste gebeden en de vaststelling van de kalender werden daar genomen. De academie te Javne kan gezien worden als de wieg van het latere Jodendom.

Een ander gevolg is dat veel mitswot (voorschriften) niet kunnen worden nageleefd omdat die te maken hebben met de gang van zaken in de tempel.

c. Militaire gevolgen:

In 74 verovering van de vesting Massada bij de Dode Zee. Volgens de joodse historicus Josephus sloegen de laatste opstandelingen liever de hand aan zichzelf dan in handen van de Romeinen te vallen.

Vraag 3:

Overzicht van joods-literaire bronnen:

a. Tora : de 5 boeken van Mozes. Bestaat uit:

-Beresjiet-Genesis: bevat het scheppingsverhaal, de geschiedenis van Adam en Eva, Noach en de Zondvloed, de levensloop van de aartsvaders en –moeders tot en met de dood van Mozes in Egypte.

-Sjemot-Exodus: voorschriften inzake het paaslam, de bouw van het tabernakel en de kleding van priesters. Verder staan er voorschriften in inzake de omgang met de medemens en diens bezittingen en de instelling van de 3 oogstfeesten.

-Wajikra-Leviticus: is bijna in zijn geheel een wetboek over de diverse offers en de door de priesters te verrichten handelingen. Voorschriften over huwelijk, kuisheid, onreinheid en levensheiliging.

-Bamidbar/Numeri: beschrijving van de tocht door de woestijn. Voorschriften met betrekking tot zaken als het afleggen van geloften, kleding, erfrecht van dochters en een aantal verhalen.

-Dewariem-Deuteronomium: over wat zich in d e40 jaar sinds de uittocht in Egypte heeft afgespeeld. Het Sj'ma Jisraeel en de daarmee verbonden voorschriften. Verduidelijking van veel mitswot die ook in andere boeken zijn opgenomen.

I Religieuze waarde:

De Bijbel en in het bijzonder de Tora is het fundament in de joodse religie. De Tora is veruit het belangrijkste boek van het joodse geloof en het oudste boek van de joodse vaderlandse geschiedenis.

II Liturgisch gebruik:

 De Tora is heel belangrijk. Iedere week wordt een vast gedeelte in de synagoge voorgelezen. In de synagoge gebruikt men de Choemasj; het bevat in een of meer boekdelen de Tora. Tevens gebruikt men de Sefer Tora; een perkamenten rol waarop door een sofeer met de hand en met speciale inkt de Tora tekst is geschreven. Uit deze rol leest de ba'al koree op voorgeschreven zangtoon de tekst voor tijdens de diensten.

III Halachische waarde:

De Tora bevat een grote hoeveelheid mitswot. Deze vinden we in de schriftelijke Tora en dit complex van wetten wordt in de mondelinge Tora uitgebreid en aangevuld. Dit gedeelte van de Tora heef Halacha. De mondelinge leer heeft G'd in de 40 dagen dat Mozes bij hem was op de berg Sinai aan hem gegeven. Mondelinge leer = Misjna; later is deze opschrift gesteld.

b. De Tenach:

Tenach is een afkorting van de namen van de 3 delen waaruit het is opgebouwd: T= Tora, N = Newie'iem = Profeten, CH = Ketoewiem = Geschriften. Het bevat 24 boeken; dezelfde als het Oude Testament van de protestants-christelijke kerk maar in een andere volgorde.

I Religieuze waarde:

Het belangrijkste is de Tora. De volgorde is hiërarchisch. De vroege Profeten vertellen deze geschiedenis verder, de late Profeten passen de strekking van de wet van Mozes toe en interpreteren de geschiedenis van het volk. De Geschriften zijn verschillend van aard; ethische, poëtische, historische en profetische boeken.

II Liturgisch gebruik:

Iedere week een vast gedeelte van de Tora. Iedere voorlezing van de Tora wordt afgesloten met een deel van de Profetische boeken; de Haftara lezing. Verder is er een speciale liturgie voor de feestdagen en het gebedenboek bevat een groot aantal Psalmen. Het liturgische lezen van bijbelgedeelten gebeurt altijd vanuit de oorspronkelijke Hebreeuwse tekst.

III Halachische waarde:

Met name de Tora heeft hierin een grote betekenis.

c. Misjna:

Dit is het eerste document van de rabbijnse literatuur waarin de mondelinge Tora op schrift is gesteld. Het zijn verklaringen en commentaren op de schriftelijke Tora.

I Religieuze waarde:

De mondelinge leer heeft G'd in de 40 dagen dat Mozes bij hem was op de berg Sinai aan hem gegeven. Mondelinge leer = Misjna; later is deze opschrift gesteld en van commentaren voorzien. De Misjna bevat het gehele Joodse religieuze en maatschappelijke leven naar orthodoxe maatstaven. De liberaal-Joodse opvatting is dat de Misjna wel door goddelijke inspiratie gegeven is maar niet door G'd aan Mozes geopenbaard. In liberale kring heeft de Misjna minder zeggingskracht dan in orthodoxe kring.

II Liturgisch gebruik:

Delen hebben een plaats gekregen in orthodoxe gebedenboeken. De Misjna houdt het midden tussen een wetboek en een leerboek.

III Halachische waarde:

Het is een verzameling van halacha. De Misjna is opgebouwd uit 6 hoofdstukken: Zera'im-zaden, Mo'ed-jaargetijden, Nashiem-vrouwen, Nezikin-schade, Kodashiem-heilige dingen, Taharot-reinheid. De Misjna geeft hiermee een stelsel van wetten voor zowel theoretische als praktische kwesties.

d. Gemara (Talmoed):

De Gemara is een onderdeel van de Talmoed. Het bevat discussies en commentaren van joodse geleerden die leefden tussen ongeveer 200 en 500.

I Religieuze waarde:

De discussies en commentaren kunnen zowel een wetgevend als een verhalend karakter hebben. Ze omvatten alle facetten van menselijk leven en denken en behelzen uitspraken op diverse gebieden. De Talmoed heeft een grote invloed op het Joodse leven. Het is het middelpunt van de traditionele Torastudie.

II Liturgisch gebruik:

In de synagogen en leerscholen van vooral orthodoxe joden vinden discussies plaats over de vele mogelijke interpretaties van de Talmoed.

III Halachische waarde:

De uitspraken kunnen zowel beschouwend als regelend zijn. Uitspraken van leerstellige, wetgevende aard worden halacha genoemd, de overige agada.

e. Sjoelchan Aroech:

Betekent letterlijk “gedekte tafel”. Het is de gezaghebbende codificatie van de Joodse leefregels.

I Religieuze waarde:

Het is het symbool van het wetsgetrouwe Jodendom.

II Liturgisch gebruik:

Er staan regels in voor de gang van zaken in de synagoge.

III Halachische waarde:

In zijn oorspronkelijke vorm dient het vooral als richtlijn onder sefardische joden. Het is een codificatie van de joodse leefregels. Het bestaat uit 4 delen; een deel gaat over de dagelijkse godsdienstige gang van zaken in de synagoge en thuis , een over onder andere spijswetten, reinheid, geloften en rouw, een gaat over huwelijksrecht en scheiding en een over burgerlijk recht en strafrecht. Alle halachische specialisten gaan van de Sjoelchan Aroech uit.

Vraag 4

Vernieuwingen Chassidisme en onderscheid met andere vormen van Jodendom:

Het Chassidisme is een sociaal-religieuze beweging die is voortgekomen uit de leer van Rabbi Israël ben Eliezer. Het ontstond in Oost-Europa in een klimaat van oorlog en vervolging. Discriminerende maatregelen en pogroms hebben geleid tot grote verpaupering van de meeste joden in polen en de Oekraïne. Het was vrijwel onmogelijk de traditionele religieuze instituten in stand te houden. Zo ontstaond naast een kleine ontwikkelde elite een grote massa van ongeschoolden. Aan deze groep bracht Rabbi ben Eliezer een boodschap van optimisme en blijdschap; dat voor G'd alle mensen van gelijke waarde zijn, de onwetenden niet minder dan de geleerden. Een dat de hemel meer geeft om vroomheid en nederigheid dan om geleerdheid. G'd is alomtegenwoordig in de wereld en zijn innerlijke aanwezigheid in de mens en zijn handelen. Zo krijgen ook profane bezigheden een religieuze inhoud. Dit alles was in die tijd zeer vernieuwend en anders dan de andere vormen van Jodendom die toen bestonden. De leer is mede op de Kabbala gebaseerd.

Vraag 5

a. Demografische gevolgen van de Sjoa:

Van de 140.000 joden in Nederland werden meer dan 100.000 joden in de vernietigingskampen omgebracht. Het was en is een verschrikkelijk drama. Voor hen die terugkeerden was herstel ban het joodse leven moeilijk. Veel jonge joden emigreerden naar Israël.

b. Religieuze gevolgen van de Sjoa:

De jaren zestig en daarna gaven een toenemende secularisatie te zien. Voor de oorlog was de Joodse identiteit nog vaak gestoeld op godsdienst, nu ontstond daarnaast een andere, veel complexere, invulling door een gezamenlijk beleefd oorlogsverleden. Ook kwamen er gesprekken tot stand tussen Joodse en Christelijke instanties.

c. Positie van het land Israël en vanaf 1948 de staat Israël voor de joodse gemeenschap:

Op 29 november 1947 nam de Algemene vergadering van de Verenigde Naties de resolutie aan om Israël te verdelen in een onafhankelijke Joodse en een Arabische staat. Op 14 mei 1948 was de staat Israël een feit. Na de afschuwelijke weg van diep lijden in Europa kregen de Joden een eigen staat, een staat waar zij veilig zouden kunnen leven en geen antisemitisme voor zou komen. De meeste Joden voelen zich op een of andere wijze emotioneel betrokken bij en/of verantwoordelijk voor de staat Israël. Veel Joden emigreerden naar Israël. Jom Ha-sjoa: in 1951 is  deze dag door de staat Israël ingesteld als herdenkingsdag voor de slachtoffers van de jodenvervolging in de Tweede Wereldoorlog.

Vraag 6

Indeling van de Joodse feestdagen:

a. Gebaseerd op de Tora:

-Sabbat: Ex. 20 en Deut. 6; herinnert aan schepping van de wereld en de verlossing van het Joodse volk uit Egypte.

-Rosj Ha-Sjana: Joods Nieuwjaar: In de Tora spreekt men van dag van gedenken. Lev. 23:24, Num. 29:1.

-Jom Kippoer: Lev. 16: Grote Verzoendag: Boetedoening om weer met een schone lei te kunnen beginnen.

-Soekkot: Lev. 23,39-44: Loofhuttenfeest: Ter herinnering aan de tocht door de woestijn van Egypte naar het Heilige Land.

-Simchat Tora: Vreugde der Wet. Jaarlijkse cyclus van wekelijkse Tora lezingen wordt afgesloten en opnieuw begonnen.

-Pesach: Ex. 12: Herinnering aan de verlossing uit de Egyptische slavernij.

-Sjawoe'ot: Lev. 23,27, Num. 28,26, Ex. 19. Het geven van de Tora wordt herdacht en gevierd.

b. Gebaseerd op de Tenach: Profeten en Geschriften:

-Poeriem: Lotenfeest. Het boek Esther. Ter herinnering aan de redding van de Joden uit de handen van Haman en zijn handlangers.

-Chanoeka: Inwijdingsfeest. Uit diverse bronnen. Lichtfeest.

c. Andere basis:

-Ontzagwekkende dagen: men komt tot inkeer; Rosj Ha-Sjana en Jom Kippoer.

-Opgangsfeesten/pelgrimsfeesten = sjalos regaliem; vreugde. Feesten gebaseerd op de Tora. Pesach, Sjawoe'ot, Soekkot, Simchat Tora.

-Overigen:

Chanoeka

Jom Ha-Atsma'oet: onafhankelijkheidsdag Israël.

Lag be-Omer: 33 e dag van de Omer telling.

Vraag 7

Traditioneel Joodse visie ten aanzien van goed en kwaad:

G'd is Een en Enig, G'd is de schepper van het universum. G'd heeft bemoeienis met het menselijke bestaan maar het is de mens in zijn beperktheid niet gegeven de wijze waarop dit geschiedt te bevatten.

Vraag 8

Verschil tussen Orthodox en Reform Jodendom:

a. Op het gebeid van Halacha: Het liberale Jodendom gaat uit van het principe van hora'at aja'at = een tijdelijk besluit. Nu het Sanhedrin, het traditionele juridische orgaan voor herziening van de halacha niet meer bestaat, kan het noodzakelijk zijn dat liberale rabbijnen van de halacha afwijkende besluiten nemen om het voortbestaan van het Joodse volk te waarborgen. In sommige liberale Joodse bewegingen is de matrilineaire lijn, zoals de halacha die voorschrijft, losgelaten en wordt iemand ook als Jood erkend als hij of zij alleen een Joodse vader heeft, mits de persoon een Joodse opvoeding heeft gehad. Het orthodox Jodendom gaat uit van het volledig goddelijke geïnspireerde en ongewijzigde karakter van het Joodse geloof, gebaseerd op de schriftelijke en mondelinge leer. Hoe strikt aan de halacha wordt gehouden hangt wel af van welke orthodoxe groepering het betreft. Echter Joods is voor alle orthodoxe groeperingen alleen diegene die uit een Joodse moeder

 wordt geboren. Sommige orthodoxe stromingen hebben gescheiden scholen voor jongens en meisjes.

b. Op het gebied van religieuze rolverdeling tussen mannen en vrouwen:

In het liberale Jodendom zijn mannen en vrouwen volledig gelijkberechtigd. Mannen en vrouwen zitten gemengd in de synagoge en vrouwen tellen me voor minjan. Vrouwen kunnen bij de liberalen ook optreden als getuigen bij een huwelijk of voor een rabbinale rechtbank en verrichten bestuurlijke taken. Ook zijn de liberale opleidingsinstituten voor rabbijnen en voorzangers opengesteld voor vrouwen. In het orthodoxe Jodendom wordt de halacha gehanteerd, wat betekent dat meisjes en vrouwen geen les krijgen in de Talmoed. Meisjes en jongens zitten niet samen in de klas. Vrouwen zitten apart in de synagoge, gaan niet voor in de dienst en tellen niet mee voor minjan. Er zijn wel gematigder orthodoxe kringen in bijvoorbeeld Israël en de Verenigde Staten waar vrouwen wel voorgaan in de dienst maar kaddiesj wordt bijvoorbeeld niet gezegd want dat kan alleen met een minjan van 10 mannen en die zijn bij deze dienst niet aanwezig.

c. Op het gebied van Messianisme:

Op grond van de bijbel wordt in het Jodendom een door G'd gezonden Messias verwacht, die de bevrijding van het volk Israël zal bewerkstelligen. De Messiaanse verwachtingen zijn een vast element van de Joodse religieuze traditie. Moderne liberale groeperingen binnen het Jodendom hebben de neiging de Messiaanse traditie wat minder te benadrukken en ze af te stemmen op een algemeen geloof in vooruitgang en een toekomst van vrede. De ideeën rondom een persoonlijke Messias, het wonderbaarlijke karakter van de verlossing en de terugkeer naar het Heilige Land worden door hen als achterhaald beschouwd of minder benadrukt. Het Zionisme streefde een feitelijke terugkeer na en kwam, zonder dit te willen, heel dicht in de buurt van de traditionele voorstellingen van de verlossing. Orthodoxe gelovigen waren tegen het Zionisme, zij vinden dat de verlossing niet door mensen maar door G'd bewerkstelligd moet worden. Bij de Lubavitscher Chassidiem wordt gedacht dat de verlossing heel dichtbij is.

Vraag 9

De literaire religieuze bijdrage aan de verschillende Joodse bronnen van Rasji (1040-1105):

Rasji = Rabbi Sjlomo ben Jitchak. Hij heeft invloed uitgeoefend op Thomas van Aquino en op de middeleeuwse theologie. Hij heeft in een afwijkend schrift geschreven. Rasji Hebreeuws =middeleeuws Hebreeuws, dit bevatte onder andere franse woorden in hebreeuwse letters weergegeven. Zijn commentaren zijn eenvoudig, intertekstueel. Rasji schreef een compleet commentaar op de Babylonische Talmoed. Later werd door zijn dochters de school van de Tosafisten gesticht, naar aanleiding van zijn werk.

Commentaar op de Bijbel: hierin vatte hij samen wat hij tijdnes zijn studie inde scholen van Mainz en Worms had geleerd. Dit commentaar en in het bijzonder het gedeelte op de Tora dient tot op de dag van vandaag om de student de traditionele opvatting van de betekenis van de Bijbeltekst bij te brengen. Het bevat een ruime selectie midrasjiem en het bevat observaties van Rasji zelf over de letterlijke betekenis van de tekst.

Commentaar op de Talmoed: Rasji schreef 30 Talmoedische Verhandelingen. Zijn Talmoedcommentaar wordt in iedere Talmoeduitgave afgedrukt en is onontbeerlijk voor begrip van de Talmoedteksten.

Het Pentateuch commentaar werd het meest geliefde Joodse Volksboek en was het eerste gedrukte Hebreeuwse boek in 1475.

Vraag 10

Functies van de tefillot in het dagelijks joodse leven:

-Identificatie; nagaan wie, wat, waar je bent, waar je vandaan komt, waar je naar toegaat en aan wie je rekening en verantwoording moet afleggen.

-Stilstaan bij de nietigheid en vergankelijkheid van ons lichaam.

-Nagaan waar onze taak ligt.

-Rekening en verantwoording geven van wat er religieus in jezelf omgaat.

-Communicatie tussen mens en G'd.

Soorten gebeden en de plaats en betekenis:

-Ochtend- en avondgebed:

De kern vormt het Sj'ma Jisraeel; “Hoor, Israël, de Eeuwige is onze G'd, de Eeuwige is Een. De opening en het einde wordt gevormd door berachot. De openingsberachot sluit aan bij de ervaring van het licht worden of het vallen van de avond. De tweede herinnert aan G'd's liefde die is uitgedrukt in het geven van de Tora. En het derde herinnert aan de verlossing die het volk Israël ervaren heeft en die het laatst der dagen opnieuw zal komen.

-Nachtgebed:

Hashkivenu: hierin overheerst het thema van G'd's vrede en bescherming.

-Het Achttiengebed:

Sjemonee esree: wordt 3 keer per dag gezegd, in het ochtend-, middag- en avondgebed. Bestaat uit 19 delen. De eerste 3 prijzen G'd. De middelste 13 zijn om G'd's leiding en zegen te vragen en de laatste 3 om hem te danken. Op Sjabbat en feestdagen worden de 13 middelste vervangen door een apart stuk dat bij de betreffende dag past.

-Kaddiesj:

De inhoud is tweeledig:

Heiliging van G'd's naam in het heden.

Bede om vestiging van het Koninkrijk G'd's in de toekomst.

Het is samengesteld met behulp van 10 werkwoorden die een vorm van lofprijzing inhouden; het getal 10 verwijst naar de 10 uitspraken waarmee G'd de wereld heeft geschapen. Kaddiesj wordt uitgesproken:

Om bepaalde delen van gebeden af te sluiten.

Om (half) wezen de gelegenheid te geven de ziel van hun overleden vader of moeder bij te staan.

Alle vormen van Kaddiesj kunnen alleen met minjam = in aanwezigheid van minimaal 10 mannen gezegd worden. Het wordt altijd staande uitgesproken, respectievelijk beluisterd en met amen bekrachtigd.

-Birkat ha-mazon:

Wordt uitgesproken na een gemeenschappelijke maaltijd. Bestaat uit een reeks berachot. Om G'd te prijzen als gever van het voedsel, het land en om Hem voor alle goeds te prijzen.

-Vier berachot die worden uitgesproken aan het einde van de Sjabbat:

De eerste over de wijn, de tweede over de kruiden die worden doorgegeven om aan te ruiken om de ziel kracht te geven over het afscheid van Sjabbat.

Bronnen gebruikt bij het maken van dit tentamen:

Het jodendom: dr. A, van der Heide

Jodendom voor beginners: Lou Evers

Geschiedenis van de Talmoed: K.M. van Dijkhuizen-Van Calck

Artikel in Dagblad Trouw van 13-07-2005 van Karin Daalderop

Baderech; op weg naar praktisch Joods leven: Rabbijn ing. I. Vorst en anderen.